Economisch basisprincipe

Waarom runnen we een veehouderij? Is het omdat de investering in een zuivelbedrijf een manier is om de opbrengst van kapitaal te maximaliseren of is het een manier van leven die we willen? In traditionele economieën heeft de bedrijfseigenaar/manager tot doel de winst van zijn bedrijf te maximaliseren, maar de situatie voor een veehouder is vaak heel anders.

Het is niet ongebruikelijk dat de sociale aspecten en tradities de doelstellingen beïnvloeden. Hoe dan ook, kennis van economische principes achter de melkproductie en een zakelijke aanpak is belangrijk als u op de lange termijn mee wilt blijven concurreren. Hoge kosten en slechte winstgevendheid maken het moeilijk om uit te breiden of zelfs om te overleven.

Het principe van de marginale eenheid

De marginale eenheid verwijst naar de laatst toegevoegde eenheid in productie of in kosten. De marge van de marginale eenheid kan gemeten worden in fysieke of financiële termen. Als de marginale kosten (MC) lager zijn dan de marginale opbrengsten (MR), is het de moeite waard om de productie te verhogen door toename van de kosten. Als de marginale kosten hoger zijn dan de marginale opbrengsten verliest u geld. De optimale productie is bereikt als de marginale kosten gelijk zijn aan de marginale opbrengsten. Dit betekent dat het minimaliseren van de operationele kosten over het algemeen niet de manier is om de meeste winst te maken.

Marginale kosten = Marginale opbrengsten = Maximale winst

Om dit principe beter te kunnen begrijpen volgt hier een voorbeeld. U verbouwt gras voor het maken van kuilvoer. Met uw ervaring weet u dat de oogst beter is als u extra stikstof toevoegt. Met deze kennis voegt u net zo lang stikstof toe (marginale kosten) zolang de extra groei meer waard is (marginale opbrengsten) dan de extra kosten voor de stikstof. Waar we echter rekening mee moeten houden, is dat de verhoging in de productie niet eeuwig doorgaat (zie plaatje beneden). Als u te veel stikstof toevoegt, zal de waarde van de extra groei niet genoeg zijn om de kosten te dekken van de extra stikstof.

Principe van verminderende opbrengsten

Constante of lineaire productiereacties op input zijn zeldzaam in de landbouwproductie. Zoals hierboven genoemd is, zal de reactie van stikstof op de opbrengst op een gegeven moment afnemen (zie het diagram hieronder). Tussen punt A en B is de relatie tussen de input en de productie lineair of constant. Op punt B begint de reactie af te nemen en tussen C en D daalt het. Dit betekent dat wanneer we punt C bereiken, het niet meer nodig is om stikstof toe te voegen, omdat de reactie op de opbrengst dan negatief is.

Maximale opbrengst ≠ maximale winst

De maximale opbrengst ligt bij punt C, maar de maximale winst ligt ergens tussen B en C in. Met andere woorden, maximale opbrengst is niet hetzelfde als maximale winst, omdat bij maximale opbrengst de marginale kosten hoger kunnen zijn dan de marginale opbrengsten.

Terug naar boven

Het principe van verminderende marge

Alternatieve kosten

De alternatieve kosten zijn de kosten van het niet gebruiken van een bron op een bepaalde manier. Van de waarde wordt afstand gedaan door de bron niet op de meest winstgevende manier te gebruiken. Stel, u heeft één hectare land. Het meest winstgevende gewas om op dit land te verbouwen is tarwe, maar u denkt erover om in plaats daarvan gras te verbouwen. Wat zijn de kosten om dit gras te verbouwen?

In de eerste plaats verliest u de totale marge van de tarweoogst (€ 500). Dit zijn de alternatieve kosten. Daarna komen er nog de kosten bij van het verbouwen van gras (kunstmest, zaden, etc.) van € 100. De eigenlijke kosten van het verbouwen van één hectare met gras is de som van deze beiden: 500 +100 = € 600.

Een ander voorbeeld is uw arbeidstijd. De tijd die gespendeerd wordt aan een bepaalde handeling, bijvoorbeeld melken, kan altijd op een alternatieve manier gebruikt worden, bijvoorbeeld loonwerk. Als de tijd die gespendeerd wordt aan het loonwerk winstgevender is dan aan het melken, is het de moeite waard om te proberen de tijd in de melkstal te beperken en deze tijd te gebruiken voor het loonwerk.

Schaalvoordelen

De grootte van een zuivelbedrijf is van invloed op de winstgevendheid, maar het is niet altijd voordelig om groot te zijn. Maar in veel gevallen vinden we schaalvoordelen, wat betekent dat de kosten verminderen zodra de productie stijgt.

Dit komt door de mogelijkheid om de kosten over grotere hoeveelheden melk te verdelen en doordat de inkoop van goederen en diensten op grotere schaal gebeurt tegen gereduceerde tarieven. Zie de figuur hieronder ter verduidelijking.

Terug naar boven

De invloed op de totale kosten wanneer de totale productie stijgt

Een veehouder die tussen A en B produceert zal zijn netto inkomen verhogen door de productie te verhogen (schaalvoordeel). B tot C geeft constante productiekosten weer. De veehouder die produceert op niveau B heeft dezelfde productiekosten als de veehouder die op niveau C produceert. Dit komt door de huidige productietechnologie die het mogelijk maakt voor middelgrote zuivelbedrijven om te concurreren met grotere bedrijven.

Tussen C en D vinden we verhoogde kosten die bijvoorbeeld veroorzaakt kunnen worden door de verhoogde moeilijkheden om een ‘te’ groot zuivelbedrijf te besturen, te overzien en te managen (Economisch nadeel door Grootte). Zodra dit gebeurt, is het vaak verstandig om het bedrijf in twee onafhankelijke bedrijven te splitsen.

De conclusie is dat het optimale productieniveau ergens tussen B en C in ligt, maar waar precies hangt af van bijv.: marktsituatie, beschikbare technologie, belastingen, complexiteit van de onderneming, etc. Maar over de jaren zijn veehouderijbedrijven altijd gegroeid in grootte.

Implementatie van nieuwe technologie

Des te eerder u investeert in een technologie die de efficiëntie verbetert en daardoor de productiekosten verlaagt, des te meer winst zult u behalen uit die investering. Hoe kan dit?

Als u kijkt naar de figuur hieronder, ziet u drie verschillende lijnen: melkprijs, gemiddelde productiekosten en productiekosten van early adopters (de eersten die een technologie overnemen). Zoals u ziet wordt de melkprijs precies gevolgd door de gemiddelde productiekosten. Stel nu dat er een nieuwe technologie op de markt komt, bijvoorbeeld een geautomatiseerd managementsysteem.

Als u als veehouder deze technologie vroeg toepast (jaar 1), zal dit uw productiekosten verlagen en zult u uiteindelijk (jaar 1 tot 5) meer winst maken dan de gemiddelde veehouder.

Voorbeeld van productiekosten van melk tegenover melkprijs

Doordat deze technologie uw efficiëntie heeft verbeterd, zullen meer en meer veehouders hierin gaan investeren. De toenemende productie van goedkopere melk zal de melkprijs laten dalen en uiteindelijk zullen de productiekosten van de early adopter gelijklopen met de gemiddelde productiekosten. Dit is wanneer de technologie standaard is geworden.

Terug naar boven

At DeLaval we use cookies to make your website experience better. You can change your web browser settings if you do not allow cookies or do not want cookies to be saved. Read more about how DeLaval handles cookies. I have read and accepted the information on how DeLaval handles cookies.